- Home
- Over CGB
- Dossiers
- Oordelen
- Publicaties
- Nieuws
- Wetgeving
- Art. 1 Grondwet
- Over de wetgeving
- Algemene wet gelijke behandeling (AWGB)
- Art. 7:646 t/m 7:649 BW
- Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen (WGB)
- Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte (WGBH/CZ)
- Wet gelijke behandeling op grond van leeftijd bij de arbeid (WGBL)
- Artikel 125g en 125h van de Ambtenarenwet (AW)
- Wet onderscheid arbeidsduur (WOA)
- Wet onderscheid bepaalde en onbepaalde tijd (WOBOT)
- Wet onderscheid bepaalde en onbepaalde tijd (WOBOT) voor ambtenaren
- Besluit beroepsactiviteiten waarvoor het geslacht bepalend kan zijn
- Besluit gelijke behandeling
- Besluit werkwijze Commissie Gelijke Behandeling
- FAQ
Inschaling voortgezet onderwijs
> Herziening onderwijs salarissyteem
> Oordeel Commissie
> Getroffen maatregelen
De Commissie heeft eind 2000 drie oordelen (2000-98, 2000-99, 2000-100) gegeven over de inschaling in het voortgezet onderwijs. Naar aanleiding van een klacht van een lerares die veel minder verdiende dan haar mannelijke collega heeft de Commissie uitgebreid onderzoek verricht. Uit dit onderzoek bleek dat er inderdaad sprake was van aanzienlijke beloningsverschillen tussen mannen en vrouwen. Dit werd veroorzaakt door een aantal dingen. Een van de oorzaken was de inschaling bij aanvang van het dienstverband. Door de lange salarislijnen bleef het beloningsverschil gedurende lange tijd voortbestaan en kon veelal niet worden ingehaald.
Herziening onderwijs salarissyteem (HOS)
HOS staat voor herziening onderwijs salarissysteem. Per 1 april 1985 is de HOS ingevoerd, i.v.m bezuinigingen. Iedereen die op 1 april 1985 in het onderwijs werkzaam was en op die datum uitzicht had op een hoger salaris dan onder de HOS behield dit uitzicht. Zo werden na 1 april 1985 de nieuwe docenten ingeschaald in schaal 10 terwijl collega’s die reeds werkzaam waren, in schaal 12 waren ingeschaald of wisten dat zij deze schaal zouden behalen. Nieuwe collega’s zouden nooit verder komen dan schaal 10.
Door de salarissystematiek in het onderwijs werden met name herintreders (ook laatintreders) getroffen. Dit waren voornamelijk vrouwen. Het waren immers vaak vrouwen die vanwege kinderen enige tijd hun baan opzegden.
Oordeel Commissie
De Commissie heeft in oordeel 2000-98 het volgende geoordeeld mbt inschaling in het voortgezet onderwijs:
- De werkgever maakt direct onderscheid op grond van geslacht, zoals verboden in de artikelen 7:646 lid 1 en 5 Burgerlijk Wetboek, 1a en 7 tot en met 10 Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen, door bij het vaststellen van het aanvangssalaris geen rekening te hebben gehouden met het laatstgenoten salaris van verzoekster voorafgaand aan haar intrede in het onderwijs;
- De werkgever maakt indirect onderscheid op grond van geslacht, zoals verboden in de artikelen 7:646 lid 1 en 5 Burgerlijk Wetboek, 1a en 7 tot en met 10 Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen door:
- Bij het vaststellen van het aanvangssalaris uit te gaan van het criterium laatstgenoten salaris en geen rekening te houden met eerdere betaalde en onbetaalde ervaring;
- De bij de aanvang van het dienstverband op grond van verschil in ervaring ontstane beloningsverschillen gedurende het gehele verdere loopbaantraject (in ieder geval gedeeltelijk) laten voortbestaan door de wijze waarop ervaring wordt beloond;
- De toekenning van salarisaanspraken die uitgaan boven het maximum van de functionele salarisschaal aan leerkrachten in het voortgezet onderwijs die op of vóór 1 april 1985 in dienst waren.
Ook tegen de sociale partners en de minister van OCW heeft de Commissie soortgelijke oordelen uitgesproken. De oordelen hebben geleid tot heel veel verzoeken. In de oordelen in het voortgezet onderwijs heeft de Commissie geconcludeerd tot onderscheid. In zaken van mannelijke na-hossers niet, maar hiervan heeft de Commissie wel gezegd dat in geval er reparatiemaatregelen worden genomen ook zij hiervan moeten profiteren. Bij de na-hossers in de BVE-sector was geen sprake van onderscheid, omdat de cijfers tot indirect onderscheid anders lagen.
Getroffen maatregelen
Inmiddels zijn door de minister van OCW en de sociale partners diverse maatregelen genomen en is de CAO aangepast (hierover hebben destijds ook gesprekken plaatsgevonden met de Commissie). Door deze maatregelen kunnen nog bestaande beloningsverschillen sneller worden ingelopen en kan bij indiensttreding meerdere periodieken aan de individuele docent worden toegekend.
Een klacht indienen?

De functie om elektronisch klachten in te dienen is om technische redenen tijdelijk niet beschikbaar. Onze verontschuldigingen daarvoor.
Als u een klacht wilt indienen dan kunt u contact opnemen met de Commissie Gelijke Behandeling (030 888 38 88). Ook kunt u hier een klachtenformulier downloaden. Dit kunt u invullen en vervolgens sturen naar:
Commissie Gelijke Behandeling
Postbus 16001
3500 DA Utrecht
Of faxen naar 030 888 38 83.
Heeft u vragen dan kunt contact opnemen met de CGB op 030 888 38 88 of via info@cgb.nl
