Geen verboden onderscheid op grond van ras bij de bejegening en bij de beëindiging van de arbeidsovereenkomst.

Oordeelnummer

2005-245

Samenvatting

Verzoekster is werkzaam geweest bij verweerster in de functie van verkoopster. In april 2005 is zij op staande voet ontslagen. Kort na haar ontslag heeft verzoekster aangifte gedaan bij de politie van discriminatie. Verweerster heeft een verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst bij de kantonrechter ingediend. In juli 2005 is de arbeidsovereenkomst door de kantonrechter ontbonden. Ter zitting heeft de Commissie twee getuigen gehoord. Verzoekster heeft geen feiten aangevoerd die onderscheid op grond van ras bij de bejegening en bij de beëindiging van de arbeidsovereenkomst kunnen doen vermoeden.
Grond:
Ras
Trefwoord:
Beëindiging van arbeidsverhouding
Bejegening
Wetsartikel:
artikel 1 AWGB
artikel 4 AWGB
geprint van: http://www.cgb.nl/oordeel/2005-245