Verboden onderscheid op grond van leeftijd bij de opzegging van een vrijwilligersovereenkomst.

Oordeelnummer

2006-246

Samenvatting

Verzoeker is op basis van een vrijwilligersovereenkomst werkzaam als vervoerder. Verweerder heeft de vrijwilligersovereenkomst met verzoeker opgezegd wegens het bereiken van de leeftijd van tachtig jaar. Verzoeker is van oordeel dat verweerder hiermee verboden onderscheid heeft gemaakt op grond van leeftijd. De Commissie is van oordeel dat de uitzondering op het verbod van onderscheid van artikel 7, eerste lid, onderdeel b, WGBL, een tussen partijen overeengekomen hogere leeftijd dan de AOW-gerechtigde leeftijd, niet van toepassing is. Verweerder heeft verzoeker namelijk na het bereiken van de leeftijd van tachtig jaar nog ruim twee jaar laten doorwerken en daarmee zijn recht verwerkt om een beroep te doen op de leeftijdsgrens van tachtig jaar.Verweerder heeft geen rechtvaardiging aangedragen voor het leeftijdsonderscheid en meegedeeld dat hij zich conformeert aan het oordeel van de Commissie. Op grond hiervan concludeert de Commissie dat verweerder jegens verzoeker onderscheid heeft gemaakt op grond van leeftijd dat niet objectief is gerechtvaardigd.
Grond:
Leeftijd
Trefwoord:
Beëindiging van arbeidsverhouding
Objectieve rechtvaardiging
Leeftijd
Wetsartikel:
artikel 12 WGBH/CZ
artikel 1 lid 1 WGBL
artikel 4 WGBL
geprint van: http://www.cgb.nl/oordeel/2006-246