Verboden onderscheid naar leeftijd bij vrijstellingsregeling voor oudere werknemers en bij toekenning extra vakantiedagen aan jonge en oudere werknemers.

Oordeelnummer

2007-98

Samenvatting

Een bedrijfs-CAO kent een regeling waarbij werknemers van 58 jaar en ouder worden vrijgesteld van overwerk en continudienst en een vakantieregeling op grond waarvan aan werknemers tot 20 jaar twee extra vakantiedagen worden toegekend en aan oudere werknemers één extra vakantiedag, oplopend tot vijf vakantiedagen voor de oudste categorie werknemers. CAO-partijen willen een oordeel over deze regelingen, alvorens leeftijdsbewust personeelsbeleid te ontwikkelen en in te voeren. Zij hebben de regelingen niet ingebed in een leeftijdsbewust personeelsbeleid, ondanks eerdere protocollaire afspraken over de ontwikkeling en invoering van een dergelijk beleid. Daarom worden deze regelingen afzonderlijk beoordeeld, anders dan in oordeel 2007-97. Met beide leeftijdsspecifieke regelingen wordt onderscheid naar leeftijd gemaakt. Het onderscheid bij de vrijstellingsregeling wordt ingegeven door de wens om uitval van oudere werknemers te voorkomen. Dit doel is legitiem en vrijstelling van specifiek belastende werkomstandigheden is een passend middel om dit doel te bereiken. Gelet op de beschikbare alternatieven voor de onderscheidmakende regeling, zoals taakvariatie en taakdifferentiatie, die verzoekers op geen enkele wijze hebben afgewogen tegen het gekozen middel, is het middel niet noodzakelijk. Het doel voor de toekenning van extra vakantiedagen is het voorkomen van uitval door rekening te houden met de (afnemende) belastbaarheid van oudere werknemers en met de geringere belastbaarheid van de jongste categorie werknemers. Dit doel is legitiem en het toekennen van extra vakantiedagen is passend om dit doel te bereiken. Aangezien ook dit middel niet is afgewogen tegen mogelijke alternatieve middelen om dit doel te bereiken, is het middel niet noodzakelijk. Het onderscheid in beide regelingen is niet objectief gerechtvaardigd. Derhalve is sprake van verboden onderscheid op grond van leeftijd.
Grond:
Leeftijd
Trefwoord:
Arbeidsvoorwaarden
Bedrijfsleven
CAO's
Dienstverlening
Objectieve rechtvaardiging
Werkgeversorganisaties
Werknemersorganisaties
Seniorenregeling
Leeftijd
Wetsartikel:
artikel 12 WGBH/CZ
artikel 1 lid 1 WGBL
artikel 4 WGBL
geprint van: http://www.cgb.nl/oordeel/2007-98